Een situatie die zich onlangs heeft voorgedaan en waarvan helaas geen spelverdeling is ingevoerd.

Zuid is leider en zegt tegen de dummy: ruiten Aas en corrigeert snel in een adem: "sorry, ruiten twee".

(Deze correctie wil Zuid toepassen omdat hij zelf alleen ruiten heer heeft en dus

zijn ruiten heer wordt gevangen door de ruiten Aas van dummy, wat in dit spel niet de bedoeling van Zuid was). 

Dummy legt ruiten twee. Oost heeft nog niet gespeeld, als West om de arbiter vraagt.

De arbiter beslist "gespeeld is gespeeld": Ruiten Aas dus.

Het wedstrijdreglement is hier heel kort en duidelijk over: geduid is "geduid".

De eerst gespeelde kaart blijft dus de gespeelde kaart, dat mag niet worden veranderd.

Het begrip "in een adem" kennen we niet..

De spelregels gaan er van uit dat dat een verandering van denken is en dat doe je vóórdat je speelt.

Na het spelen van de kaart is het te laat.

 

 

===================================================================================================

 

In het algemeen geldt, dat een verkeerde uitleg van een bieding een overtreding is.

Echter er wordt alleen iets aan de score gedaan als er schade is veroorzaakt door de overtreding.

Dat laatste moet altijd nauwkeurig onderzocht worden.

Aan de hand van enkele voorbeelden leggen we dit uit:

-          Is er wel schade? Als er geen schade is, dan is er geen herstel nodig (Voorbeeld 1).

-          Is de slechte score wel een gevolg van de verkeerde uitleg, of van de bieding zelf?

      Als dat niet door de verkeerde uitleg komt, vindt er geen herstel plaats (Voolbeeld 2).

-          Is de ontstane schade alleen ontstaan door de verkeerde uitleg of mede door zelf een fout te maken?

      De schade die veroorzaakt is door de eigen fout wordt niet hersteld (Voorbeeld 3).

 

Situatiebeschrijving voorbeeld 1.

Spelverdeling.

 

N/NZ

  ♠1098 

  8653
  V97 
  ♣1097

 

  ♠H632

  
  HB863 
  ♣AV6

N

W

O

Z

  ♠V7

  H104

  10542

  ♣H852   

 

 ♠AB54

 AVB72 
 A
 ♣B43

 

 

 

Biedverloop:   
WestNoordOostZuid
 PasPas1♥ 
Doublet3*Pas4
PasPasPas 

 

*4krt: 2-6 pnt.Bergen Raises

 

Feitelijke constateringen:
Het 3 bod van Noord is niet gealerteerd. 
Volgens afspraak van NZ is dit een onderdeel van de Bergen Raises conventie. 

Noord heeft aan het einde van de biedperiode, na de afsluitende pas, de tegenstanders niet gewezen op

het feit dat zijn bod gealerteerd had moeten worden door Zuid.

Als de dummy open gaat ontbiedt West de arbiter.
 

Overwegingen:

Ten aanzien van het niet alerteren door Zuid:

Het bod is alerteerplichtig, omdat het verkeerd kan worden opgevat door de tegenstanders (algemene alerteerregel).

Het niet alerteren van Zuid van 3is op te vatten als een foutieve uitleg van het bod (artikel 20.F.1 en artikel 20.F.a van de

spelregels voor wedstrijdbridge).

Ten aanzien van de 4 bieding door Zuid:

Zuid is blijkbaar vergeten dat zij de Bergen Raises conventie spelen. Zuid beaamt dit.

Dit doet niets af aan het feit dat het bod gealerteerd had moeten worden.

Ook als de afspraak (nog) niet beklijfd is bij Zuid is het nalaten daarvan een overtreding.

Als gevolg van het vergeten van de conventie door Zuid belanden NZ in een hoger contract

dan verantwoord is en gaan meer down dan nodig was.

Ten aanzien van het verzuim van Noord om te wijzen op de alerteerplicht van Zuid:

Artikel 20.F.5.b van de spelregels voor wedstrijdbridge stelt vast, dat de leider of de dummy

na de afsluitende pas de tegenstanders moeten informeren en de wedstrijdleider moeten ontbieden,

indien de partner een verkeerde uitleg heeft gegeven over een bieding.

Het nalaten door Noord is een overtreding van dit artikel. 

Ten aanzien van het bereikbare resultaat voor OW:

Zonder kennis over de juiste betekenis van het 3 bod zal Oost geen bod doen.

De vraag is echter of Oost een bod gedaan zou hebben als 3 correct was uitgelegd.

Gezien het gebrek aan punten en het gebrek aan een ♠-fit en het ontbreken van een goede lage kleur,

is het niet waarschijnlijk dat Oost dan een andere bieding dan pas gedaan zou hebben.

Na een pas van Oost heeft West geen redelijke bieding meer, ook niet als de zwakte van Noord bekend is.

Mede doordat Zuid nog 4 heeft geboden hebben OW een goede score op het spel gehaald.

OW hebben 4 verliezers. Daardoor kunnen zij na het 3 bod en laat staan na het 4 bod geen

winnende score uit een eigen contract halen. OW zijn daardoor niet benadeeld door het verzuim van

Zuid om te alerteren. In artikel 12.B.1 wordt bepaald dat een arbitrale score alleen wordt toegekend

als er schade is veroorzaakt door een overtreding van de spelregels.

 

Besluit:

1. Op grond van artikel 12.b.1 van de spelregels voor wedstrijdbridge en de genoemde

    overweging ten aanzien van het bereikbare resultaat van OW:

    a. Besluit de Weco de score op het spel te handhaven.

2. Op grond van artikel 20.F.1 van de spelregels voor wedstrijdbridge en de genoemde

    overwegingen ten aanzien van het niet alerteren door Zuid:

    a. Maant de Weco het NZ paar om nieuwe conventies goed te memoreren, opdat de juiste

        uitleg gegeven wordt.

3. Op grond van artikel 20.F.5.a van de spelregels voor wedstrijdbridge en de genoemde overwegingen

    ten aanzien van het verzuim van Noord om te wijzen op de alerteerplicht van Zuid:

    a. Maant de Weco het NZ paar om de wedstrijdleider te ontbieden wanneer foutieve uitleg is

        gegeven op een bieding of de alerteerplicht niet correct is gehanteerd.

        I) in geval van dummy of leider: na de afsluitende pas;

       II) in geval van tegenspelers: na afloop van het hele spel.

 

=================================================================================================== 

 

Situatiebeschrijving voorbeeld 2.

Spelverdeling.

 

O/-

  ♠AH1073 

  H7
  H8432 
  ♣6

 

  ♠VB986

  109864 
  V6 
  ♣4

N

W

O

Z

  ♠42

  VB5

  109

  ♣A109875   

 

 ♠5

 A32 
 AB75
 ♣HVB32

 

 

 

Biedverloop:   
WestNoordOostZuid
  Pas1♣ 
2♣*2♠Pas3
Pas4Pas

 Pas

 Pas

 

*Beide hoge kleuren minstens een 5-kaart; maximaal openingskracht.

 

Feitelijke constateringen: 

Het 2♣ bod van West is door Oost gealerteerd.

Op verzoek van NZ legt Oost uit: “Tot een opening, beide hoge kleuren minimaal een 4-kaart.”

De betekenis van het bod is volgens afspraak van NZ: Maximaal een normale opening, beide hoge kleuren minimaal een 5-kaart.

West geeft na afloop van het spel de informatie dat de uitleg van Oost niet helemaal correct is.

Zuid verzoekt om arbitrage.

 

Overwegingen:

Ten aanzien van de uitleg door Oost: 

De uitleg van Oost is niet correct. De informatie over de lengte van de hoge kleuren die beloofd wordt is onjuist.

Dit kan NZ een afwijking in de beoordeling van de spelverdeling geven.

Dit is in strijd met Artikel 20.F.1 van de spelregels voor wedstrijdbridge, waarin wordt gesteld dat

de tegenstanders op hun verzoek recht hebben op een volledige uitleg van de betekenis van gedane biedingen.

In Artikel 75 van de spelregels en in een aanvullende uitspraak van de WEKO van de NBB wordt het belang benoemd,

dat beide spelers de gemaakte afspraken kennen en beheersen. Het lijkt erop dat Oost de gemaakte afspraak

van het 2♣ volgbod op 1♣ opening niet volledig helder op het netvlies heeft.

Ten aanzien van het verbeteren van de foutieve uitleg door West:

West geeft tijdens de biedperiode en tijdens de speelperiode geen commentaar over de onnauwkeurige 
uitleg van het 2♣ bod. Dit is in overeenstemming met Artikel 20.F.5 waarin staat dat een tegenspeler 
pas aan het einde van het spel de tegenstanders erop mag wijzen dat zijn partner een foutieve uitleg 
heeft gegeven van zijn bieding of speelwijze. Overigens dient de leider of de dummy dit te doen op het 
moment dat de biedperiode is afgesloten door de afsluitende pas.
Ten aanzien van het verdere bieden door NZ:

2♠ en 3 zijn blijkbaar reële biedingen. Het 4 van Noord maakt onderzoek naar de mogelijkheid van een 3SA onmogelijk.

Er is geen reden om aan te nemen, dat Noord met de juiste informatie over de betekenis van 2♣

wel een onderzoek naar 3SA zou hebben gedaan.

Zuid past op 4. Er is geen reden om aan te nemen dat het besluit te passen op 4 een gevolg is

van de onnauwkeurige informatie over het 2♣ bod.

Het niet bereiken van het veilige 3SA contract of het kansrijke 6 contract, lijkt niet te zijn veroorzaakt door

de onnauwkeurige uitleg van Oost.

Deze onnauwkeurigheid heeft daarom geen schade veroorzaakt.

In Artikel 12.B.1 wordt bepaald dat een arbitrale score alleen wordt toegekend als er schade is veroorzaakt

door een overtreding van de spelregels.

 

Besluit:

1. Op grond van artikel 12.b.1 van de spelregels voor wedstrijdbridge en de genoemde

    overweging ten aanzien van het verdere bieden van NZ:

    a. Besluit de Weco de score op het spel te handhaven.

2. Op grond van artikel 20.F.1 en artikel 75 van de spelregels voor wedstrijdbridge en de genoemde

    overwegingen ten aanzien van de uitleg van Oost:

    a. Maant de Weco het OW paar  de gemaakte afspraken over en weer te bevestigen om zeker te stellen dat zij

       exact dezelfde betekenis aan biedingen geven.

    b. Maant de Weco het OW paar desgevraagd de volledige en nauwkeurige informatie te geven over de

        gemaakte afspraken ten aanzien van partners bieding.

 

===================================================================================================

 

Situatiebeschrijving voorbeeld 3.

Spelverdeling.

 

O/NZ

  ♠98 

  ♥VB109
  VB10842 
  ♣7

 

  ♠AV732

  875 
 
  ♣8653

N

W

O

Z

  ♠H1054

  AH2

  H3

  ♣H1042   

 

 ♠B6

 643
 ♦A975
 ♣AVB9

 

 

Biedverloop:   
WestNoordOostZuid
  1SA2♣*2
2♠*2Pas2SAPas
PasPas  

 

*1) Beide hoge kleuren.

*2)Transfer voor één van de lage kleuren.

 

Feitelijke constateringen: 

Het bod van Zuid is systematisch niet correct.
Noord alerteert 2♣ van Zuid.
West vraagt niet naar de betekenis van het bod.
De bieding van West wordt niet door Oost gealerteerd.

De bieding van West is systematisch niet correct; OW spelen “systems on” na tussenbiedingen op 1SA.
Oost vraagt op zijn beurt naar de betekenis van het bod, waarop Noord de systematisch correcte uitleg geeft.
Na afloop van het spel roept Zuid arbitrage en legt uit dat hij verkeerd geboden heeft. 
Hij meent dat daardoor OW een verkeerde indruk van de zuid hand hebben gekregen 
en in het verkeerde contract zijn beland.

Zuid geeft aan dat hij zich vergiste en beide lage kleuren had willen doorgeven. Het bod daartoe zou 
systematisch 2SA zijn. NZ spelen Multi Landy.
Oost-West bevestigen dat zij zich benadeeld voelen, omdat zij uit het juiste contract gehouden zijn als 
gevolg van het verkeerd bieden door Zuid.

Bij latere navraag legt Oost uit dat OW hun conventies na tussenbiedingen na hun 1SA handhaven; het 
correcte bod van West was dus 2 geweest Transfer voor ♠.
Oost geeft ook aan dat hij getwijfeld zou hebben over de bedoeling van het 2ª bod door West en 
wellicht als echt zou hebben opgevat, indien het bij hem bekend was geweest dat Zuid beide lage 

kleuren goed bezat.

 

Overwegingen:

Ten aanzien van het foutief bieden van Zuid:

Artikel 75 van de spelregels voor wedstrijdbridge legt uit hoe te handelen bij verkeerde uitleg en hoe bij 
een verkeerde bieding. Uit lid C blijkt, dat verkeerd bieden in beginsel geen inbreuk is op de regels. 
Er spreekt echter ook de erkenning uit dat er sprake is van een grijs gebied.
De Weko van de NBB heeft een uitspraak gedaan – bekrachtigd door het bondsbestuur en 
gedocumenteerd in WekoWijzer 110 – dat de wedstrijdleider alleen van een systematisch foutieve 
bieding mag uitgaan, indien kan worden aangetoond dat de afspraak waartegen de fout is gemaakt een 
“beklijfde afspraak” is. 

Zuid stelt in zijn uitleg dat zijn correcte bieding 2SA zou zijn geweest. In de standaard gangbare Multi 
Landy conventie belooft 2SA echter minimaal een 5-5 in de lage kleuren.
De NZ partners spelen bij Dummy enige tijd samen, maar niet altijd en beide spelers spelen in andere 
verenigingen met vaste andere partners samen.
Deze beide punten leiden tot het vermoeden van een niet beklijfde afspraak, wat vraagt om artikel 75 
toe te passen als foutieve uitleg. 

Het verkeerd bieden door Zuid is er mede oorzaak van dat NZ niet het optimale schoppencontract 
hebben gevonden.

Ten aanzien van het verkeerd bieden van West:

De foutieve bieding van West geeft Oost een verkeerde indruk van de hand van West.
De Weco van BC Dummy leidt hieruit af dat de afspraak “systems on” bij OW geen beklijfde afspraak is.
Hierdoor is de 5 kaart ♠ van West nu niet overgekomen bij Oost en dat was wellicht wel gebeurd, 
wanneer West systematisch correct had geboden; namelijk 2.

Het foutieve bieden van West heeft dus minstens evenveel negatieve invloed gehad op het niet 
bereiken van het optimale contract als het systematisch foutieve bieden door Zuid. 
Artikel 12 lid C sub1(b) stelt dat de niet-overtredende partij alleen recht heeft op herstel van schade die 
is veroorzaakt door de overtreding en niet op het deel van de schade die is opgetreden door eigen 

fouten na de overtreding.

 

Besluit: 

1. Op grond van artikel 12 lid C.1(b) van de spelregels voor wedstrijdbridge en de genoemde

    overweging ten aanzien van het verkeerd bieden van West:

    a. Besluit de Weco de score op het spel te handhaven.

2. Op grond van artikel 75 lid C van de spelregels voor wedstrijdbridge en de genoemde 

    overwegingen ten aanzien van het verkeerd bieden van Zuid: 

    a. Maant de Weco NZ hun systeem door te nemen en de opgenomen afspraken over en weer

        te bevestigen, om zo vergissingen en herhaling van schade in de toekomst te

        voorkomen.  

3. Op grond van artikel 75 lid C van de spelregels voor wedstrijdbridge en de genoemde 

    overwegingen ten aanzien van het verkeerd bieden van West:

    a. Maant de Weco OZ hun systeem door te nemen en de opgenomen afspraken over en weer

        te bevestigen, om zo vergissingen in de toekomst te voorkomen, waarbij zij opgemerkt

        dat nu geen schade is opgetreden.